Medewerkersdag

Toespraak van de Gelderse gedeputeerde voor Cultuur, dhr. Esmeijer

Taal is cultuur. Taal is dé manier waarop wij communiceren. Hoe beter we communiceren, hoe beter wij elkaar begrijpen. De nuance telt dus. Zo heeft elke regio zijn eigen accenten, zijn eigen gezicht. Dit heeft altijd grote gevolgen voor de taal en dan vooral de woordenschat in zo'n regio. Bekend is, dat eskimo's heel veel woorden hebben voor sneeuw en ijs. Nomaden in de Sahara hebben dit niet. Wat voor de noordpool en de Sahara geldt, zal denk ik ook gelden voor de Achterhoek, de Liemers, de Veluwe en het Rivierenland. De sociale en economische achtergrond verschilt. Ik kan me zo voorstellen dat het aantal woorden en begrippen dat verband houdt met bosbouw veel en veel groter is in een Veluws dialect dan in een streektaal in het Rivierenland. Voor de buitenstaander lijken het misschien allemaal synoniemen, maar de bos arbeider op de Veluwe verstond en verstaat het verschil, de nuance. Andersom: problemen met hoogwater en weerbarstige klei kennen ze op de Elspeterheide weer niet. Woorden hiervoor ook niet. Voor een bloeiende en zich ontwikkelende cultuur is een rijke woordenschat dus erg belangrijk. Een rijke woordenschat kun je verschillend opvatten. Natuurlijk, gewoon, in de zin van het goed beheersen van een bepaalde taal. Maar onder een rijke woordenschat versta ik ook het beheersen van meer talen. Soms is een vreemde taal zoals het Engels of Duits het beste om te communiceren. Het Veluwse dialect is prachtig natuurlijk, maar op een internationaal congres van IT-ers kom je er toch niet ver mee. Meestal is onze Nederlandse standaardtaal het beste instrument. Een regionale taal maakt het bouwwerk van onze woordenschat compleet. Soms schiet de standaardtaal simpelweg te kort om precies aan te geven wat je voelt of bedoelt. Zo beschouwd zijn eigenlijk alle talen streektalen, alleen de omvang van de streek verschilt.

Een woordenboek maak je om verschillende redenen. In de eerste plaats om kennis over een taal vast te houden, ook voor de toekomst. Dat wij zoveel weten over de oude Grieken en Romeinen komt omdat de taal die ze  spraken is vastgelegd. De bakermat van onze beschaving blijft zo in beeld. Ook zogenaamde dode talen houden een cultuur levend. Zo is het onze plicht om één van de wortels van de Gelderse beschaving, de taal, voor het nageslacht vast te leggen. Bestudering van de geschiedenis van het dagelijks leven in Gelderland, met al zijn regionale verschillen en nuances, is nauwelijks mogelijk zonder enige kennis van streektalen.

Genoeg over de geschiedenis. Het gebruik van streektaal neemt wel af, maar van een dode taal is nog lang geen sprake. Dat blijkt wel uit de talloze dialectenkringen in onze provincie.
Streektaal leeft. Natuurlijk in de eerste plaats bij mensen die al van oudsher in de streek wonen. Het Rivierenland en de Veluwe zijn echter bij uitstek regio's waar veel mensen uit andere delen van het land zich maar wat graag vestigen. Een groot deel van de bevolking is in die zin 'vreemd'. Import zogezegd. Maar als je ergens woont wil je je ook graag thuis voelen, niet vreemd meer zijn en zeker geen import. Thuis voelen doe je als je de mensen 
om je heen goed kunt begrijpen. Daarom is het niet zo gek dat veel mensen van buiten de regio erg geïnteresseerd zijn in de geschiedenis en de cultuur van de nieuwe woonplaats en de nieuwe regio. Taal is in feite het transportmiddel voor deze cultuuroverdracht. Over een paar jaar ligt in principe voor al die nieuwkomers een woordenboek klaar.

Gek genoeg waren er overal streektaalwoordenboeken, maar overkoepelende boeken voor het Rivierenland en de Veluwe ontbraken nog. Dat is ook weer niet zo vreemd als je ziet wat er allemaal voor komt kijken. Streektaal is grotendeels gesproken taal, met talloze lokale en regionale varianten. Juist 
in die varianten, dat fijnmazige netwerk, zit nu de kern van de betekenis van streektaal. Krijg daar maar eens grip op. Dat vereist naast een heleboel enthousiasme ook een strakke en deskundige organisatie. Zeker bij dit project is zowat de hele erfgoedwereld van Gelderland betrokken: het GOC, 
het Staringinstituut, de Universiteit Nijmegen en, hoewel niet Gelders, de IJsselacademie. Tot slot de deskundigen bij uitstek, de vrijwilligers. Vooral deze groep is erg belangrijk in een regio waar streektaal onder druk staat.
U bent de dragers van cultureel erfgoed. Ik ben blij dat u zich inspant om uw kennis over te dragen op anderen en, met dit woordenboek, op andere generaties.

Samenwerken is als je de lijst van deelnemers bekijkt het sleutelwoord van dit project. Wij gaven het provinciale cultuurbeleid voor de komende jaren het motto 'Verbindingen' mee. U begrijpt dus dat wij veel waardering hebben voor de manier waarop u met dit project samen optrekt en dus verbindingen legt.

Al met al kun je vrij nuchter vaststellen dat streektaal belangrijk is. Je kunt je exacter en genuanceerder uitdrukken en hierdoor kun je beter communiceren.
Toch is er nog iets anders dat zich veel moelijker en veel minder nuchter laat duiden.

Het heeft te maken met vertrouwdheid, hechting, je op bekend terrein voelen.
Streektaal als contrapunt van de globalisering. In de muziek verstaan we onder contrapunt min of meer de tegenstem. Niet om er dwars tegen in te gaan, om de muziek te verstoren, maar juist voor meer harmonie en klankkleur.Zo ook de streektaal. Niet als tegenpartij van globalisering, maar als verdieping, nuancering en aanvulling. Steeds meer wordt uniform. Soms is dit positief. 's-Zomers op vakantie is die nieuwe euro toch beslist erg handig. Ook cultuur, in de vorm van beeldende kunst, muziek en dans,  manifesteert zich op een internationaal podium. Het is prima om te zien dat er heel veel is dat ons bindt. Een fenomeen als streektaal zorgt er voor dat globalisering niet uitmondt in eenheidsworst. We zijn enerzijds wereldburger en anderzijds inwoner van Arnhem, Opheusden of Hierden.

Ik ben blij dat iedereen hier vandaag te gast wil zijn in het Huis der Provincie van Gelderland. Niet omdat alles in Gelderland hetzelfde is, één Gelderse uniforme cultuur bestaat immers niet. De kracht van Gelderland ligt juist in de regionale verscheidenheid. Kijk alleen maar naar het werkgebied van dit project. De Veluwe, de vale grond, en de Betuwe, de rijke grond. Het is boeiend om op zoek te gaan naar de verschillen en de overeenkomsten in de cultuur en dus ook in de taal.

Bij deze speurtocht wens ik u allen veel succes toe.